MOB-versie | Naar grote versie






vaste uitdrukkingen

Bepaalde uitdrukkingen bestaan uit vaste combinaties van bijvoorbeeld een werkwoord en een voorzetsel. Of een werkwoord bij een zelfstandig naamwoord. Hieronder vind je slechts een paar voorbeelden.

 

  • aansluiten op (iets anders, bijv. een andere weg)
  • aanstalten maken = zich voorbereiden om ergens aan te beginnen
  • aanstellen als = (iemand) benoemen tot
  • afslaan naar = in een bepaalde richting de hoek om gaan, de weg verlaten
     
  • benoemen tot (directeur, voorzitter, enz.)
  • bezwijken aan (verwondingen)
  • bezwijken onder (een last)
  • bezwijken voor (een verleiding)
     
  • contact opnemen met (iemand)
     
  • dag en nacht
  • dat raakt kant noch wal = dat slaat helemaal nergens op
  • deel uitmaken van = onderdeel zijn van
  • dienst-na-verkoop (Belgisch-Nederlands voor klantenservice)
    Van Dale: dienst na verkoop
  • door schade en schande wijs worden = uit ervaring leren
     
  • een belofte doen (niet 'maken', dat is een anglicisme)
  • een beroep doen op (iemand, een instelling, enz.) = hulp inroepen
  • een beslissing nemen (niet 'maken', dat is een anglicisme)
  • een gevecht op leven en dood = een zwaar, bloedig gevecht
  • een wet van Meden en Perzen = een regel waaraan niets te veranderen valt
  • een zaak van leven of dood = een zaak van levensbelang
     
  • iemand in de pan hakken = volledig verslaan
  • in aanbouw (niet 'onder constructie', dat is een anglicisme)
     
  • maar niet voordat = nadat, maar eerst
  • maar niet dan nadat = nadat, maar eerst (niets anders dan nadat)
  • meewerken aan (een project, een onderzoek, enz.)
  • meewerken met (een persoon)
  • met andere woorden (niet 'in andere woorden', dat is een anglicisme)
     
  • op je/zijn/haar hoede zijn voor = voorbereid zijn op (gevaar, iets onverwachts)
  • opening van zaken geven = inlichtingen geven over de ware stand van zaken
  • ophanden zijn (ook: op handen zijn) = te gebeuren staan
  • over/voor het voetlicht treden/brengen = verschijnen, presenteren
  • overstappen op (een andere trein, plan B, enz.)
  • overtuigen van (je gelijk, de waarheid, enz.)
  • op zoek = bezig met zoeken
     
  • part noch deel hebben aan = niets te maken hebben met
  • per ongeluk = niet opzettelijk
  • pijpleiding voor gas e.d. (niet pijplijn, dat is een anglicisme) 
     
  • te binnen schieten
  • te pas en te onpas = ongeacht of het van toepassing is
  • terugkomen op (eerdere uitspraken) = herzien, bijstellen
  • terugkomen van (van een besluit) = afzien van, het laten varen
  • tot nader order = voorlopig
     
  • uitroepen tot (winnaar, zakenvrouw van het jaar, enz.)
     
  • vertellen aan / vertellen tegen
  • vervangen door (niet 'met', dat is een anglicisme)
  • een visie op (iets) = een mening, ideeën over (iets)
  • vol goede moed
  • voor een appel en een ei = heel goedkoop
  • voor hetzelfde geld = evengoed
      
  • zij het = al is het
     

 

 






Help | Contact  |  Instellingen  |  


Beter Spellen  Beter Rekenen  NU Beter Engels  NU Beter Duits  NU Beter Frans  Beter Bijbel  Beter Afrikaans  Plus-Taaltest  Beter Bijbel  

Martin van Toll Producties
in samenwerking met
Noordhoff Uitgevers