25 MEI (klik op een pijltje om naar een andere datum te bladeren)
De deelnemers op niveau 1 hebben de test van 25-05-2026 zo ingevuld:
Deze schoen ........ mij niet goed meer.
pasdt past pasd pas
Het hele werkwoord is 'passen'. Je schrijft de ik-vorm + t: de schoen past.
Zie ook de pagina tegenwoordige tijd.
De eekhoorn nam de nootjes mee en ........ ze op in de boom.
peuzeldde peuzelden peuzlede peuzelde
Het werkwoord is '(op)peuzelen', de ik-vorm is 'peuzel'. De verleden tijd enkelvoud is peuzel + de = peuzelde.
Zie ook de pagina verleden tijd.
Ik heb geen klapschaatsen, maar nog ouderwetse ........ .
noren nooren noorren
Als het enkelvoud een lange klinker (aa, ee, oo, uu) heeft in de laatste lettergreep met daarachter één medeklinker, verdwijnt in het meervoud een van die klinkers: noor - noren.
Zie ook de pagina grenzen, kansen.
Heb je ook een ........ stripverhaal voor mij?
spannende spannend spannenden
Bij een het-woord schrijf je een e aan het eind van het bijvoeglijk naamwoord (het spannende stripverhaal), maar die e verdwijnt als er 'een' voor staat: een spannend stripverhaal.
Zie ook de pagina zwart of zwarte.