08 JAN (klik op een pijltje om naar een andere datum te bladeren)
De deelnemers op niveau 1 hebben de test van 08-01-2026 zo ingevuld:
Met deze uitspraak ........ de minister op de bezuiniging.
doeld doelt doeldt
Het woord 'doelt' hoort bij de hoofdpersoon van de zin (de minister). Het woord wordt vervoegd zoals 'ik til, hij tilt'.
Zie ook de pagina tegenwoordige tijd.
Met zijn eerste lot heeft hij de hoofdprijs ........ .
gewonen gewonne gewonnen gewind
'Winnen' is een sterk (onregelmatig) werkwoord: winnen, ik win, ik won, ik heb gewonnen.
Zie ook de pagina voltooid deelwoord.
Wij zijn drie ........ naar Spanje geweest.
weekken weken weeken
Als het enkelvoud een lange klinker (aa, ee, oo, uu) heeft in de laatste lettergreep met daarachter één medeklinker, verdwijnt in het meervoud een van die klinkers: week - weken.
Zie ook de pagina grenzen, kansen.
Deze oude munt is een belangrijke ........ .
vondst vontst vonsd vonst
Het woord 'vondst' is afkomstig van het werkwoord 'vinden'. Wat je vond is een vondst. Net als 'vangst' (wat je vangt).